Troosten: Verbonden zijn met een ander

Troost en verbonden zijn-min
Picture of Jan Pals

Jan Pals

Het gaat bij mij altijd om de mens en de verhouding tussen mensen

Citaat:
“Om de dag komt mijn mantelzorger op bezoek. Daar kijk ik altijd naar uit. Naast haar “verzorging” is er ook altijd tijd voor een praatje. Soms hebben we een intensief gesprek. Mijn zorgen over het ouder worden. Mijn toenemende hulpbehoevendheid. Mijn familie die het niet altijd meer kan opbrengen om mij te bezoeken. De aandacht die ik van haar krijg doet mij goed. Soms legt ze haar hand op mijn handen. Die kleine aanraking zegt zoveel meer dan woorden”.

Troost bieden

Troost bieden aan een ander mens. De ander vertroosten. Er zijn tal van situaties waarin de ene mens de ander troost. Wanneer iemand verdriet heeft. Of bang is. Of zich eenzaam voelt. Of een afscheid van een goede vriend. Maar ook tijdens het rouwen om een geliefde. Voor de eindigheid van het leven. In het troosten van de ander raken we verbonden met de ander. In de verbinding met de ander worden we het meest menselijk. Het krijgt betekenis in de zin van gezien en gehoord worden. In de blik van de ander voel ik mij mens.

Troost en verbonden zijn-min

Dat verbonden zijn voert in essentie terug naar het begin van ons leven. Het leven ontstaan in de moederschoot. Daar vindt het fundamentele hechtingsproces plaats tussen moeder en kind. De mens als een verbonden wezen.

De betekenis van troost

Troost bieden, troosten of vertroosten komt van het Latijnse woord consolor dat staat voor “samen verlichting vinden”. Het verwijst tevens naar een boek uit de oudheid dat ging over troosten. Het is het zoeken naar een manier om verder te gaan. Het impliceert dus tevens dat je er moeite voor moet doen om zowel te troosten als om getroost te worden.

Wanneer vind je troost

Het leven gaat gepaard met tegenslagen, met van tijd tot tijd ongelukkig zijn, met verdriet of met het even niet meer zien zitten. “Waarvoor doe ik dit nog”? “Waarvoor leef ik nog eigenlijk”?
In zijn boek Vertroosting van de psychiater D. de Wachter speekt hij over de troost van het kleine goede. Hij gaat daarbij uit van het gedachtengoed van de Frans-joodse filosoof E. Levinas (1906-1995) die over “het kleine goede” spreekt. De verbinding tussen mensen in termen van “geraakt worden” De ene mens die een appél doet op de ander; dat uitnodigt een antwoord te geven op dat appél. Een appél dat als het ware buiten de autonomie van de ander gaat; het geraken in de greep van de ander. In de blik van de ander en de ontmoeting van de ander zit de essentie van ons bestaan.

Tijdens zijn ziekbed tgv een carcinoom met uitzaaiingen geeft hij voorbeelden van “het kleine goede”. De glimlach van een arts. De zuster die aan zijn bed komt, naar hem kijkt als hij pijn heeft en vraagt wat zij voor hem kan doen. De poetsvrouw die in plaats van schoonmaken een praatje met hem maakt. De verpleegster die zijn haren wast. De brieven die hij krijgt van zijn patiënten. De aanraking van zijn vrouw en kinderen die aan zijn bed zitten. Ze zijn hem allemaal tot troost.
Hij ondervindt nu aan den lijve wat troosten inhoudt. Om samen verder te komen. Samen verlichting vinden. Medemenselijkheid. En benoemt het ook met het Bijbelse woord barmhartigheid.

Troost en verbonden zijn-min

Waar vinden we troost

Naast het getroost worden door de medemens zijn er ook andere vormen waardoor mensen getroost kunnen worden. Je kunt dan denken aan bepaalde teksten in de Bijbel waarin over troost of hoop wordt gesproken. Weer anderen zoeken het in teksten van filosofen. Of teksten in de literatuur. Ook in muziek of in de kunst vinden mensen vertroosting. En weer anderen zoeken het in allerlei rituelen die een tastbare houvast geven.

Troost en verbonden zijn-min

In dat verband wordt ook wel gesproken over een zekere verarming. Daarbij wordt dan gewezen op collectieve rouwrituelen in kerken, synagogen of moskeeën die daarmee vertroosting boden. Maar nu door leegloop feitelijk niet meer aan de orde zijn.
Dan is daar ook nog het troost zoeken bij een professionele hulpverlener. Ons lijden wordt dan gezien als een “ziekte”. Een stoornis waarvan we moeten genezen; eventueel met behulp van medicijnen. Medicijnen als troost.

Wellicht moeten we in dit geval spreken over valse troost. Zoals een luxe cruise, drugs of dwangmatig sporten ook geen troost biedt maar slechts een vorm van escapisme is.

Troost in het dagelijks leven

Troost is effectief wanneer je je eerst met het leven dat je leidt verzoent. Dat betekent dus je neerleggen bij een verlies, bij je mislukkingen. Grote tegenvallers leren ons dat we moeten beseffen dat het leven niet altijd eerlijk is; niet altijd rechtvaardig is.
Troost betekent dus ook hoop. Dat we verlies, teleurstelling of een nederlaag kunnen overwinnen. Troost is mogelijk als hoop mogelijk is; en hoop is mogelijk als het leven zin voor ons heeft.

Citaat:
“Troost geven is altijd afhankelijk van de persoon die je tegenover je hebt. Je kunt er geen handboek op naslaan. Troost is geen theorie; het is praxis”.

Troost en verbonden zijn-min

Bron

Wachter, D. van (2022) Vertroostingen (Amsterdam, LannooCampus)

Wil je graag

Kennismaken?

Ik ben elke woensdagmorgen van
8.30 tot 12.30 uur aanwezig in mijn praktijkruimte.

Bezoekadres

De Nieuwe Lente
Raadhuisstraat 56 a
2101 HH Heemstede

Panta Rhei - Alles in beweging